dinsdag 21 februari 2017

Don Agrati | Home Grown

Don Agrati is een Hollywood-product. Hij is op jonge leeftijd een muzikale kindacteur in The Mickey Mouse Club en speelt als teenager onder de naam Don Grady in populaire westernseries en comedy's. Met de opkomst van de hippiecultuur slaat Agrati/Grady zijn vleugels uit en raakt meer geïnteresseerd in een carrière in de popmuziek. Als 19-jarige tekent hij een contract als songschrijver en als artiest bij Capitol Records, is een korte spanne drummer en zanger in The Palace Guard, maar richt dan The Yellow Balloon op, die met hun barokke pop zelfs hits scoren. Om niet teveel de aandacht op zichzelf te richten treedt Grady met de band op in vermomming – met heuse opgeplakte snor – en gebruikt hij op het album The Yellow Balloon (1967) het pseudoniem Luke R. Yoo. Eind jaren zestig richt Don Agrati zich geheel op een muzikale carrière, hetgeen in 1973 leidt tot de Elektra-release van Home Grown Agrati speelt nagenoeg zelf alle instrumenten, behouden gitaar en banjo, en de blazers en strijkers. De nadruk ligt op melodieuze pop, met hier een daar een uitstapje naar rock. De piano- en strijkers ballads 'Love, Come Way' en 'I Was A Man', en de lekkere Beach Boys-popsong 'Sunny Day' vallen op in positieve zin, maar 'Hollywood Song' is Grady's finest moment. Tekstueel venijn en barrelhouse-piano definiëren deze subliem groovende song: Holy Hollywood, you ought to know / Everybody's honkin' tonkin'. Homegrown is geen succes, en dus stopt Don Grady met zijn actieve muziekcarrière.

Bloodstream / Love, Come My Way / Rocky Mountain Bear Hunt / Heather-Ann / Story / One Man Woman / Hollywood Song / Sunny Day / I Was A Man / Protoplasm Blues / Two-Bit Afternoon 


Elektra Records, 1973

Geen opmerkingen:

Een reactie posten